home > blog > Drama-driehoek

Drama-driehoek

De dramadriehoek, een model uit de Transactionele Analyse. Iemand vroeg mij om daarover deze maand een blog te schrijven. Of, preciezer gezegd, over de redder. De redder, die men vaak het meest sympathiek vindt van de drie posities in de dramadriehoek: redder, slachtoffer en aanklager. Ken je deze bijzonder onvruchtbare dynamiek? Je ziet hem overal om je heen en je zit er zelf waarschijnlijk ook regelmatig in vast. Het is nou eenmaal veel gemakkelijker om er deel van te zijn dan om eruit te blijven.

De dramadriehoek bestaat bij de gratie van het uitleven van pseudogevoelens. Dat doen we allemaal, totdat we ermee stoppen. En wat zijn pseudogevoelens? Alle gevoelens die we laten bestaan en cultiveren om het pijnlijkere dat zich eronder bevindt niet te hoeven aanraken. Voorbeeldje. Pseudogevoel: God, wat heb ik de pest aan autoriteiten, zeg. Aan mijn baas, aan de politie en de politici. En dat is eigenlijk niet van nu. Ik heb de pest aan autoriteiten omdat ze maken dat ik mij machteloos en overgeleverd voel. Omdat ik me vroeger, als kind, machteloos en overgeleverd heb gevoeld aan de toenmalige autoriteiten van mijn leven: mijn ouders. Die oude machteloosheid, dat zijn de echte gevoelens. Dáár gaat het om. Ik kan er nu een dagtaak van maken om tegen autoriteiten in alle soorten en maten ten strijde te trekken. Kijk maar eens om je heen hoeveel mensen dat inderdaad doen. Dát is het uitleven van pseudogevoelens. Als ik dat doe, ben ik de aanklager. En als ik me laat koeioneren door mijn baas omdat ik niet tegen hem in durf te gaan, zit ik in de positie slachtoffer. Daar kun je je ook jarenlang in onderdompelen, wie kent ze niet, de eeuwige slachtoffers? Als mijn baas iemand anders koeioneert, en ik het met grote verontwaardiging voor die persoon opneem, ben ik de redder. Allemaal om maar niet met mijn oude pijn in aanraking te hoeven komen. Machteloos overgeleverd zijn aan mensen die niet altijd het juiste met of voor mij deden.

Vanuit dezelfde oude pijn kun je in alle posities van de dramadriehoek zitten. Vaak denken we dat we een voorkeur hebben voor een bepaalde positie, omdat we die zijn gaan herkennen. Maar zodra je er oog voor krijgt, kun je zien dat je veel vaker in de dramadriehoek zit dan je denkt, en óók op de andere posities. Het is heel gewoon. Maar ook heel vervelend, want het leidt alleen maar tot meer en meer drama.
De onvruchtbare dynamiek van de dramadriehoek is namelijk de interactie tussen twee van de drie posities, of tussen alle drie. Dat er een ander bij betrokken is, is essentieel. Wat zou je immers in je eentje redder gaan zitten wezen? Daar is geen eer aan te behalen. De redder heeft iemand nodig die zieliger of zwakker of dommer is dan hij of zij zelf, iemand die zichzelf niet kan redden. Nee, die sympathieke redder is allesbehalve een nobele ridder op het witte paard! De redder impliceert met zijn inmenging dat hij oké is, maar de ander niet. En het slachtoffer accepteert dat. Die meent namelijk van zichzelf dat hij niet oké is en de ander wel. Dus die twee passen perfect bij elkaar. Ze vinden bij elkaar wat ze nodig hebben. Je vindt ze dus nogal eens samen, bijvoorbeeld als partners. Wij tweeën tegen de wereld.

Degene die de nobelheid van de redder niet zal waarderen en zichzelf ook meer oké vindt dan de anderen, is de aanklager. Die zal luidkeels te kennen geven dat de ander niet deugt. Bij het slachtoffer valt deze boodschap in het pulletje, die vindt dat zelf immers ook. Ook hier: ze passen bij elkaar, hebben elkaar nodig en houden elkaar in stand. Het zijn nogal eens de relaties van het type narcistische man met afhankelijke vrouw, of andersom. En als er een derde persoon bij betrokken wordt, kan die mooi de redder zijn, want die wordt node gemist in deze interactie. Daarmee is de cirkel weer rond, of de driehoek driehoekig. De redder redt, verdedigt dus het slachtoffer, waardoor die zich nog zieliger kan gaan voelen en waar de aanklager natuurlijk tegenin moet gaan met nieuwe aanklachten. Het gáát maar door, die interactie.

Veel KOPP’ers krijgen hem van huis uit mee. Vader en moeder aanklager en slachtoffer (of andersom), kind redder. En het kind blijft ook gedurende het volwassen leven maar iedereen redden, want die achtergrond is enorm pijnlijk. Of moeder aanklager, kind slachtoffer en vader redder. Maar vader trekt het redderschap op den duur niet meer en vertrekt. Dubbel pijnlijk voor het kind, nog steeds slachtoffer en ook geen bescherming meer. Reden genoeg om levenslang in de slachtofferrol te blijven. Want uit de dramadriehoek komen vraagt dat je de confrontatie met je oude pijn aangaat. Dat vereist veel moed.

Bij ontwikkeling van de situatie draaien de rollen ook vaak om: kind aanklager (Jij was een slechte moeder!), moeder slachtoffer (Ja nou maar dat kon ik toch niet helpen?), vader redder (Je moeder was ziek!). Of moeder aanklager: (Je vader onderdrukte mij!), vader slachtoffer (Nou heb ík het allemaal gedaan!), kind redder (Nou ma, daar was je toch zelf bij!). Het is dezelfde destructieve interactie. Je denkt misschien dat het een stap vooruit is als je van slachtoffer verandert in aanklager, maar dat is dus niet zo. Je zit nog steeds in de dramadriehoek.

De dramadriehoek is eigenlijk een spel. Met ‘spel’ in de betekenis van: niet echt. Het tegengestelde van echte verbinding of intimiteit. Die kan er alleen maar zijn als pseudo-gevoelens niet uitgeleefd worden. Pseudo-gevoelens, ze mogen er zijn, ze zíjn er, maar moeten als zodanig herkend worden en niet uitgeleefd. Dat is de kunst.

Pas dan is er ruimte voor werkelijke verbinding, en dat is: ik ben oké, jij bent oké. Met alle verschillen die er zijn. Met alle wrijving die soms kan optreden. Zonder wrijving geen glans! Echte verbinding is spannend. De dramadriehoek is dat niet. Die is eigenlijk alleen maar heel vervelend.

Terug naar de redder. Die komt er in deze blog niet al te best vanaf. Sorry, redders! Daarmee zeg ik ook sorry tegen mezelf, want ik kan er ook wat van. De redder lijkt wel nobel, maar is dat net zo min als de andere posities. De redder redt om zich goed te voelen over zichzelf. Probeer het maar eens uit. In een situatie waarin je de drang hebt om te gaan redden, doe het eens een keer niet. En voel dan maar eens wat dat met je doet. Dat zal pijnlijk zijn, maar dán ben je bezig met waar het werkelijk om gaat.

Kassandra Godijn
Kassandra was acht jaar lang medewerker bij Labyrint-In Perspectief en heeft haar eigen coachingpraktijk voor volwassen
KOPP, 
www.koppcoaching.nl.

10-11-2016

 

Overige blogberichten