home > boek > Elke tijd zijn eigen gekte

Elke tijd zijn eigen gekte

Omslag: Elke Tijd Zijn Eigen GekteElke tijd zijn eigen gekte
door Henke van der Heiden
(Walburg Pers, 2020)

Gekte is van alle tijden, dat wordt duidelijk in dit goed leesbare boek. In mooie tijdsbeelden, met passende illustraties, wordt de geschiedenis van geestelijke verwarring door de eeuwen heen geschetst. In vijf delen worden de levens van 18 personen in het tijdvak van 1500 tot 2020 verteld.

In de eerste periode, van 1500 tot 1800, heeft geestelijke verwarring een bovennatuurlijke oorzaak. Ze werd niet als een ziekte gezien. Buiten de stadsmuren waren er dolhuizen. Mensen met geestelijke verwarring riepen angst op bij hun medemensen. Als de familie niet meer voor hen kon zorgen, werden ze opgesloten in een dolhuis. Ze werden aan ijzeren kettingen gelegd. Het is schrijnend om te lezen dat het dolhuis voor publiek tegen betaling als kermisvermaak werd opengesteld.

In de tweede periode, van 1800 tot 1884, zagen verlichtingsdenkers krankzinnigheid voor het eerst als een ziekte waarvoor behandeling en genezing mogelijk was. Dit vormde de basis voor een nieuwe wetenschap, de psychiatrie.

In de 19e eeuw is er een aanzienlijk verschil tussen twee standen: ‘het volk’ of ‘de armen’, een brede onderlaag, en ‘de gegoeden’, waartoe 15 à 20% van de bevolking behoorde. In de bejegening maakte het alle verschil tot welke stand een patiënt behoorde. Voor armlastigen betaalde de gemeente de kosten van een opname in een instelling. Waar mogelijk verrichtten patiënten arbeid om de kosten te drukken. Eind 19e eeuw nam de bouw van het aantal gestichten op confessionele basis enorm toe. Patiënten in een gereformeerd gesticht werden behandeld volgens Bijbelse grondslag.

De derde periode, van 1884 tot 1945, begint met de komst van de Krankzinnigenwet in 1884. Belangrijk daarin is de zinsnede dat iemand die een strafbaar feit heeft gepleegd hem dit niet ten laste kan worden gelegd als dit gebeurde wegens een gebrekkige ontwikkeling van verstandelijke vermogens of een ziekelijke stoornis. Eind 19e eeuw ontstaat de diagnose ‘zenuwlijden’ voor wat nu milde psychische aandoeningen wordt genoemd. Je moest over geld beschikken om eraan behandeld te kunnen worden. In 1875 werd de Volksbond tegen Drankmisbruik opgericht. In de zorg voor verslaafden werden er consultatiebureaus opgericht waaruit de Jellinek Kliniek is ontstaan.

In de eerste helft van de 20e eeuw wordt er gewerkt vanuit de gedachte dat sociale factoren invloed hebben op de mentale gezondheid van patiënten. De sociale psychiatrie ontstaat. Nieuw is ook het idee dat preventie een psychiatrische aandoening kan voorkomen. Zo is het MOB, Medisch Opvoedkundig Bureau, ontstaan.

In de vierde periode, van 1960 tot 2020, komt er verzet tegen de medische benadering van geestelijke aandoeningen in de psychiatrie. Volgens de antipsychiatrie zijn dit sociale en economische problemen die onterecht een medisch etiket krijgen.

Vanaf de jaren zeventig laten patiënten hun stem horen en willen invloed uitoefenen. Er komen steeds meer patiëntenraden die hun krachten bundelen. Inmiddels zijn Pandora en de Cliëntenbond ter ziele gegaan en zijn de meeste activiteiten overgenomen door de landelijke koepelorganisatie MIND.

De Krankzinnigenwet, die meer dan 100 jaar meeging, wordt in 1994 vervangen door de wet Bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz). Cliënten kunnen niet meer zomaar worden opgenomen, daarvoor moeten zij een gevaar voor zichzelf of anderen betekenen.

In de jaren 80 brengt de extramuralisering een grote omwenteling: mensen met psychiatrische aandoeningen moeten niet de maatschappij uit, maar juist de samenleving in. De zorg moet zoveel mogelijk buiten de muren van een instelling worden geboden. Er ontstaan nieuwe vormen van zorg en behandeling, zoals beschermd wonen en dagactiviteitencentra. In jaren 80 is ook de opkomst van organisaties die de belangen behartigen van familie en patiënt, zoals Ypsilon, Stichting Labyrinth en In Perspectief.

De vijfde periode is anno nu, 2020. Heden ten dage draait het in de psychiatrie om herstel, empowerment en ervaringsdeskundigheid. In een wereld waarin maakbaarheid en succes de norm zijn, is er nog steeds gekte. Het gaat erom dat die er ook mag zijn. Daarvan getuigen de persoonlijke verhalen in dit boek in deze periode. Onze tijd vraagt om ambassadeurs tegen stigma’s, want iedereen is de moeite waard.

Addy Bakx

Overige boekbesprekingen